Zorg en begeleiding

Wet Passend Onderwijs

Om uitvoering te geven aan de Wet Passend Onderwijs heeft de school het zorgondersteuningsprofiel geschreven. Dit profiel kunt u lezen in het PDF dat opent via deze link.

Zorgstructuur van Gymnasium Novum

De mentor of tutor is de eerste persoon waar een leerling mee in gesprek gaat als het gaat om zorg. De zorg kan gaan om problemen van emotionele aard, huiselijke problemen of zorgen om school-/leerwerk. Na overleg met een leerlingcoördinator kan besloten worden dat extra ondersteuning nodig is.

Coördinator passend onderwijs

De coördinator is de schakel tussen school en externe partijen als jeugdgezondheidszorg, schoolmaatschappelijk werk en het samenwerkingsverband Den Haag Zuid-West.
Via de coördinator passend onderwijs wordt besloten welke vorm van ondersteuning passend is. Vervolgens wordt in samenspraak met leerlingbegeleiders, schoolmaatschappelijk werk en leerlingcoördinatoren bepaald welke vorm van extra zorg een leerling kan gebruiken. Aanmelding van een leerling gebeurt door de leerlingcoördinator.

Leerlingbegeleider

Het kan voorkomen dat een leerling problemen van sociaal-emotionele aard ondervindt die een mentor of tutor te boven gaan. Met deze problemen kunnen leerlingen een beroep doen op een van de leerlingbegeleiders. De leerlingbegeleider beoordeelt of de problematiek op schoolniveau kan worden aangepakt of dat een leerling beter kan worden doorverwezen naar een externe hulpverleningsinstantie. De mentor of tutor meldt een leerling aan.

Schoolmaatschappelijk Werk

Een leerling met problemen van sociaal-emotionele aard of problemen in de thuissituatie kan terecht bij het SMW. Het doel van SMW is problemen bij kinderen snel herkennen en aanpakken. Als het nodig is, verwijst de schoolmaatschappelijk werker door naar andere vormen van preventieve hulp. Een schoolmaatschappelijk werker is niet verbonden aan school. Voor een leerling kan dat een voordeel zijn. Gesprekken hebben wel op school plaats.

Vertrouwenspersoon

Leerlingen (en ook ouders) kunnen bij de vertrouwenspersoon terecht met klachten of vragen over seksuele intimidatie, discriminatie, agressie, geweld en pesten. De vertrouwenspersoon kan de leerling adviseren met zijn/haar klacht naar de rector of naar het College van Bestuur van Spinoza te gaan.

Een mogelijke vervolgstap is de klacht indienen bij de landelijke klachtencommissie. Spinoza is hierbij aangesloten. Het adres van de landelijke klachtencommissie is te verkrijgen bij de vertrouwenspersoon of bij de administratie. Binnen Gymnasium Novum is mevrouw S. Jansen de vertrouwenspersoon. Haar e-mailadres is jnb@gymnasiumnovum.nl.

Faalangst

Leerlingen die tijdens hun schoolloopbaan te maken krijgen met faalangst krijgen op Novum faalangstreductietraining aangeboden. Dit gebeurt afhankelijk van het aantal aanmeldingen in groepsverband of individueel.

Dyslexie

In de brugklas wordt door alle leerlingen een testdictee gemaakt. Daarmee kan dyslexie worden opgespoord. Indien nodig vragen we de ouders om de leerling een vervolgtest af te laten nemen door een deskundige. De uitkomst van de test wordt gebruikt ter beoordeling van de afgifte van een dyslexieverklaring. Deze is nodig om bij officiële examens verlenging van de tijdsduur te verkrijgen. Ook bij proefwerken en schoolonderzoeken krijgen dyslectische leerlingen extra tijd. Opgaven voor de toetsen worden gemaakt in een passende layout/letter.   Let op: de vervolgtest komt voor rekening van de ouders.

Dyscalculie

Leerlingen met een dyscalculieverklaring, afgegeven door een GZ-psycholoog, krijgen een pasje van school dat recht geeft op verlenging van toetstijd in de onderbouw. De leerling mag bij toetsen gebruik maken van de rekenkaart van het College voor Examens.

KIVPA

Vanuit de JGZ (Jeugdgezondheidsgzorg) wordt bij alle leerlingen van klas 2 de KIVPA-vragenlijst afgenomen. De KIVPA staat voor Korte Indicatieve Vragenlijst voor het opsporen van Psychosociale problematiek bij Adolescenten. Aan de hand van de antwoorden wordt een inschatting gemaakt van mogelijk aanwezige problematiek. Samen met de ouders wordt besloten of verdere gesprekken of verwijzing naar een hulpverlener noodzakelijk zijn. Naast de afname van de vragenlijst bestaat het onderzoek onder leerlingen uit de 2e klas uit een gesprek met een JGZ-medewerker.